De onderbouw bestaat uit drie groepen die min of meer gemengd zijn. Elke groep heeft wel zo zijn speerpunten: sensomotorische ontwikkeling, spraak- taal en communicatie, ontluikende geletterdheid en gecijferdheid. Die speerpunten zijn niet helemaal te scheiden, ze gelden in min of meerdere mate in elke groep maar komen op verschillende manieren tot uiting.
In de onderbouw wordt geprobeerd om de ontwikkeling van de leerlingen zo goed mogelijk te stimuleren op eigen niveau en wat er in het kind zit zo goed mogelijk te ontplooien. Dit wordt op een breed gebied gedaan met het hele kind en zijn ontwikkeling voor ogen en dus ook interdisciplinair met logopedisten, fysiotherapeuten en ergotherapeut. Er is veel oog voor het welbevinden, gevoelens van competentie en autonomie en het gevoel er bij te horen en er toe te doen, invloed te hebben.
Ouders worden regelmatig betrokken bij school. Juist omdat de leerlingen zo verspreid wonen worden door het jaar heen koffiemiddagen en activiteiten georganiseerd waarbij ouders van harte welkom zijn.
In de onderbouw wordt gewerkt met Ruimtekisten (zie website van de Ruimte). Het is een manier van werken waarbij je met de groep een wereld schept om een prentenboekverhaal heen. Zo wordt het aangeboden onderwijs betekenisvol gemaakt, samen een werkklimaat geschapen om zo een zo groot mogelijke betrokkenheid te realiseren waarbinnen de belangrijke schoolse vaardigheden en levensvaardigheden via reflectie op allerlei verschillende niveaus worden opgedaan.
Sport en bewegen in de onderbouw.